Een speelveld bestaat niet uit losse spelers. Mensen en organisaties zoeken elkaar op, delen informatie, nemen besluiten, stellen middelen beschikbaar of hebben elkaar nodig om iets voor elkaar te krijgen. Andere spelers hebben juist weinig rechtstreeks contact of bereiken elkaar vooral via iemand anders.

Met een netwerkanalyse breng je niet alleen in beeld wie met wie verbonden is. Je onderzoekt ook hoe belangrijke relaties werken: wat er wordt uitgewisseld, wie initiatief neemt, waar iets gemakkelijk loopt of juist stokt en waarom een verbinding belangrijk is voor de opgave. Daarna kijk je naar het netwerk als geheel. Zo worden patronen zichtbaar die je niet ziet wanneer je alleen naar afzonderlijke spelers kijkt.

Je kunt de analyse op verschillende manieren gebruiken. Met jouw eigen team maak je een eerste kaart van de relaties en interacties die jullie zien. Je kunt ook spelers uit verschillende delen van het speelveld ieder vanuit hun eigen positie een kaart laten maken. Door deze kaarten te vergelijken, worden verschillen in waarneming zichtbaar.

Probeer niet te snel één gezamenlijke kaart te maken. Een verbinding die voor de ene speler intensief of belangrijk is, kan door een andere speler heel anders worden ervaren. Zie iedere kaart daarom als een momentopname vanuit een bepaalde positie.