Er bestaat niet één vaste manier om een maatschappelijke opgave te formuleren. In de praktijk gebruiken organisaties verschillende woorden, zoals opgave, ambitie, doel of toekomstbeeld. Ook verschilt wat zij in de formulering opnemen. Sommige formuleringen beschrijven vooral de gewenste situatie, terwijl andere het probleem, de doelgroep, de aanpak of de samenwerking benadrukken.

Beeld: @Opgavegericht Samenwerken
Beeld met handen die op een papier de woorden onze opgave schrijven
Op deze pagina vind je voorbeelden uit bestaande programma’s en organisaties. We presenteren ze niet als modelopgaven of als formuleringen die je letterlijk moet overnemen. Ze zijn bedoeld om te onderzoeken welke keuzes anderen maken en wat die keuzes met een formulering doen. Let bij het lezen bijvoorbeeld op de aandachtspunten die beschreven worden in het artikel ‘Hoe formuleer je een opgave?’
Gebruik de voorbeelden om scherper te kijken naar jouw eigen opgaveformulering. Welke elementen helpen om richting te geven en welke elementen zouden de ruimte juist kunnen beperken?
Het Programma Vereenvoudiging Inkomensondersteuning voor Mensen (VIM) was een interdepartementaal programma. Ministeries, uitvoeringsorganisaties, gemeenten en maatschappelijke organisaties werkten samen aan mogelijkheden om het stelsel van inkomensondersteuning eenvoudiger en begrijpelijker te maken.
De formulering
“Verbetering van de bestaanszekerheid en bevordering van (arbeids)participatie door vereenvoudiging van (het stelsel van) wet- en regelgeving in de inkomensondersteuning vanuit het perspectief van de mensen zelf.”
Wat valt op?
- De formulering verbindt twee gewenste maatschappelijke effecten: meer bestaanszekerheid en meer participatie.
- De aanpak is onderdeel van de formulering: vereenvoudiging van wet- en regelgeving.
- Het perspectief van de mensen om wie het gaat wordt expliciet als vertrekpunt genoemd.
- De formulering gebruikt beleidstaal en bevat verschillende begrippen die om verdere betekenisgeving vragen.
Bron: https://open.overheid.nl/documenten/7a44cec8-4b12-4990-bd8f-6c8c9e902540
Het Programma Noordzee 2022–2027 bevat het beleid voor de ruimtelijke indeling en het gebruik van de Noordzee. In het programma komen verschillende belangen en ontwikkelingen samen, waaronder natuur, energie, scheepvaart, visserij, zandwinning en veiligheid.
De opgaveformulering
“De opgave voor het Programma Noordzee 2022–2027 is om de juiste maatschappelijke balans te vinden in de ruimtelijke ontwikkeling van de Noordzee. Die ontwikkeling moet efficiënt en veilig zijn en passen binnen de randvoorwaarden van een gezond ecosysteem.”
Wat valt op?
- De formulering draait om het vinden van een balans tussen verschillende maatschappelijke belangen.
- Het gebied waarop de opgave betrekking heeft, is afgebakend.
- Veiligheid, efficiënt ruimtegebruik en een gezond ecosysteem worden als belangrijke waarden benoemd.
- De formulering schrijft nog niet voor hoe de balans moet worden bereikt.
- De woorden ‘juiste maatschappelijke balans’ vragen om gezamenlijke afweging en betekenisgeving.
In het programma Toekomstscenario Kind- en Gezinsbescherming werken de ministeries van JenV en VWS, de VNG en verschillende partners aan een andere manier van hulp en bescherming voor kinderen, volwassenen, gezinnen en huishoudens die met onveiligheid te maken hebben.
De opgaveformulering
“Nederland staat voor de maatschappelijke opgave om de hulp en bescherming aan kinderen en volwassenen (0–100) zodanig te organiseren, dat de veiligheid in gezinnen en huishoudens verbetert, de betrokkenen zich beter gezien en gehoord voelen en er minder gedwongen maatregelen nodig zijn.”
Wat valt op?
- De formulering benoemt voor wie verschil moet ontstaan: kinderen en volwassenen van alle leeftijden.
- Verschillende gewenste effecten worden gecombineerd: meer veiligheid, mensen die zich gezien en gehoord voelen en minder gedwongen maatregelen.
- De formulering verbindt een maatschappelijke verandering aan een verandering in de organisatie van hulp en bescherming.
- Er wordt richting gegeven zonder al één concrete organisatiestructuur of werkwijze vast te leggen.
- De formulering bevat zowel de leefwereld van gezinnen als de werking van het stelsel.
Geweld hoort nergens thuis was een landelijk programma waarin het Rijk, de Vereniging van Nederlandse Gemeenten, gemeenten en maatschappelijke organisaties samenwerkten aan de aanpak van huiselijk geweld en kindermishandeling.
De opgaveformulering
“Onze opgave is huiselijk geweld en kindermishandeling te stoppen, terug te dringen en de schade ervan te beperken en zo de cirkel van geweld, de overdracht van generatie op generatie, te doorbreken.”
Wat valt op?
- De formulering begint bij het maatschappelijke probleem dat moet veranderen.
- Er worden verschillende gewenste effecten genoemd: het geweld stoppen, het terugdringen, de schade beperken en de overdracht tussen generaties doorbreken.
- De formulering laat zien dat zowel de directe gevolgen als de achterliggende patronen aandacht vragen.
- Er wordt geen specifieke aanpak of oplossing voorgeschreven.
- Uit de formulering zelf wordt niet direct duidelijk voor wie het verschil moet ontstaan. Dat wordt pas duidelijk uit de context van het programma
Bron: https://open.overheid.nl/documenten/ronl-7ca7ae57-9eb9-42cc-9228-37e0ca59fdd2/pdf
In het Nationaal Deltaprogramma werken het Rijk, provincies, gemeenten, waterschappen, kennisinstellingen, maatschappelijke organisaties en het bedrijfsleven samen aan waterveiligheid, de beschikbaarheid van zoetwater en een klimaatbestendige inrichting van Nederland.
Het onderdeel Zoetwater richt zich op de gevolgen van droogte, verzilting en een toenemende vraag naar zoetwater. Deze ontwikkelingen raken onder andere de beschikbaarheid van drinkwater, natuur, landbouw, scheepvaart en industrie.
De opgaveformulering
In de hoofdlijnen van het Deltaprogramma wordt de opgave als volgt omschreven:
“De opgave zoetwater gaat over de weerbaarheid tegen watertekort.”
Daarbij formuleert het programma het volgende overkoepelende doel:
“Nederland is in 2050 weerbaar tegen watertekort.”
Wat valt op?
- De opgave wordt in één korte zin omschreven.
- De formulering richt zich op weerbaarheid en niet op het volledig voorkomen van watertekort.
- Het overkoepelende doel bevat een duidelijke termijn: 2050.
- De formulering laat ruimte voor verschillende manieren om de weerbaarheid te vergroten.
- Het begrip weerbaar vraagt om verdere concretisering: wanneer is Nederland voldoende weerbaar?
- De verschillende mensen, gebieden en maatschappelijke functies die door watertekort worden geraakt, worden niet in de formulering zelf genoemd.
- De bron maakt onderscheid tussen de omschrijving van de opgave en het overkoepelende doel.