Bij maatschappelijke opgaven kijken spelers vanuit verschillende rollen, verantwoordelijkheden, belangen en ervaringen naar hetzelfde vraagstuk. In een gewoon gesprek komen niet al die invalshoeken vanzelf naar voren. Sommige mensen spreken gemakkelijk, terwijl anderen afwachten of merken dat hun standpunt weinig steun krijgt.

Een Gesprek op voeten is een actieve dialoogvorm uit Deep Democracy. Deelnemers laten door hun positie in de ruimte zien in welke standpunten zij zich herkennen. Standpunten komen naar voren tijdens het gesprek en deelnemers kunnen zich steeds opnieuw verplaatsen. De begeleider zoekt bewust naar andere en afwijkende geluiden.
Het doel is niet om zo snel mogelijk overeenstemming te bereiken, maar om te horen wat er in de groep leeft. Juist een stem die weinig medestanders heeft, kan informatie bevatten die nodig is om het speelveld en de samenwerking beter te begrijpen.
Voor wie?
Voor teams en spelers die samen aan een opgave werken en verschillende standpunten over hun speelveld of samenwerking willen onderzoeken.
Wanneer werkt dit goed?
- Wanneer je verschillende invalshoeken rond een onderwerp zichtbaar wilt maken.
- Als in gesprekken steeds dezelfde mensen aan het woord zijn.
- Wanneer afwijkende standpunten in een gewoon gesprek niet gemakkelijk naar voren komen en er voldoende basisveiligheid is om zichtbaar positie te kiezen.
- Als je wilt onderzoeken welke opvattingen, ervaringen en zorgen in de groep leven.
- Wanneer je een gesprek wilt verdiepen zonder direct naar consensus of een oplossing te zoeken.
De werkvorm is minder geschikt wanneer deelnemers nadelige gevolgen verwachten van het uitspreken van hun standpunt. Werk dan eerst aan veiligheid of kies een anonieme vorm.
Wat levert het op?
- Zicht op verschillende standpunten in de groep.
- Meer ruimte voor stemmen die minder snel worden gehoord.
- Inzicht in overeenkomsten, verschillen en onderliggende afwegingen.
- Actiever luisteren naar andere perspectieven.
- Aanknopingspunten voor een vervolggesprek over het speelveld of de samenwerking.
Groepsgrootte
8 tot 30 deelnemers.
Met een ervaren begeleider kan de werkvorm ook met een grotere groep worden uitgevoerd. Trek dan meer tijd uit en zorg dat de ruimte voldoende beweging toelaat.Tijd
40 tot 60 minuten, afhankelijk van de groepsgrootte en het onderwerp.
Benodigdheden
- Een centraal gespreksthema of een open vraag.
- Eventueel een flip-over om ingebrachte standpunten en inzichten vast te leggen.
Ruimte
Een ruimte waarin deelnemers vrij kunnen bewegen en zich bij verschillende sprekers kunnen opstellen. Zorg voor een gelijkwaardig alternatief voor deelnemers voor wie bewegen of lang staan niet mogelijk is, bijvoorbeeld door te werken met stoelen, kaarten of aangewezen plekken.
Voorbereiding
Kies een onderwerp dat verschillende invalshoeken kan oproepen. Gebruik bij voorkeur een open vraag in plaats van een stelling met alleen voor- en tegenstanders.
Mogelijke vragen zijn:- Welke spelers of perspectieven missen we in ons speelveld?
- Wat is volgens jou nodig om de samenwerking in ons speelveld verder te brengen?
- Welke kansen en/of risico’s zie je voor de volgende stappen in de opgave?
- Wat vraagt deze opgave nu van ons?
Bepaal vooraf wat je met de opbrengsten wilt doen. Het Gesprek op voeten kan verschillen zichtbaar maken, maar lost die verschillen niet automatisch op.
Begeleiding
Deze werkvorm vraagt om een neutrale begeleider die verschillende stemmen actief uitnodigt en niet stuurt op een gewenste uitkomst. De begeleider let niet alleen op de grootste groep, maar juist ook op mensen die alleen of op enige afstand staan.
Bij een onderwerp waarop al veel spanning zit, is begeleiding door iemand met ervaring in dialoog en groepsdynamiek aan te raden. De werkvorm kan onderliggende verschillen zichtbaar maken en vraagt dus meer dan alleen het bewaken van de tijd.
Stappen
Stap 1 | Introduceer het gesprek (5 minuten)
Leg als begeleider het doel en de werkwijze uit. Benoem dat deelnemers door hun positie in de ruimte laten zien in welke standpunten zij zich herkennen.Benadruk dat:
- standpunten vanuit de groep zelf ontstaan;
- deelnemers tijdens het gesprek mogen bewegen;
- een plek met weinig mensen niet minder waardevol is;
- het doel niet is om elkaar te overtuigen;
- niemand verplicht is om te spreken.
Neem daarnaast deze spelregels door met de deelnemers en vraag of er nog gezamenlijke aanvullingen zijn.
- Niemand heeft het monopolie op de waarheid.
- Luister om te begrijpen, niet om direct te reageren of overtuigen.
- Breng per keer één standpunt of gedachte in.
- Stel vragen ter verduidelijking. Is jouw vraag eigenlijk een mening, breng die dan als een eigen standpunt in.
- Deelnemers mogen zich tijdens het gesprek steeds opnieuw verplaatsen.
- Deelnemers mogen ‘passen’ als zij hun standpunt niet willen toelichten.
- Spreek met elkaar af dat persoonlijke of gevoelige informatie niet zonder toestemming buiten de groep wordt gedeeld.
Introduceer vervolgens de centrale vraag of het gespreksthema.
Stap 2 | Nodig het eerste standpunt uit (5 minuten)
Vraag als begeleider wie een eerste gedachte, ervaring of standpunt wil delen. De deelnemer stapt naar voren en verwoordt één standpunt. Vraag waar nodig door over wat de overwegingen achter dit standpunt zijn. Nodig de andere deelnemers uit om positie te kiezen:- kun je je vinden in het standpunt, ga dan bij of achter de spreker staan;
- kun je je er niet in vinden, kies dan een andere plek in de ruimte die jouw eigen standpunt het beste weergeeft;
- twijfel je, kies dan de plek die op dat moment het beste past.
Vraag deelnemers om nog niet te reageren. Kijk eerst samen wat er in de ruimte zichtbaar wordt.
Stap 3 | Zoek actief naar een ander geluid (5 tot 10 minuten)
Richt de aandacht niet meteen op de grootste groep. Ga naar iemand die ergens anders staat en nodig diegene uit om een ander standpunt of een aanvulling te delen. De deelnemer mag passen.Vraag de groep daarna opnieuw positie te kiezen. Deelnemers mogen bij deze nieuwe spreker gaan staan, bij de vorige spreker blijven of een andere plek innemen.
Stap 4 | Laat het gesprek bewegen (15 tot 25 minuten)
Herhaal de vorige stap. Nodig steeds iemand uit die een nieuw of afwijkend geluid kan toevoegen.Gebruik bijvoorbeeld vragen als:
- Wie staat ergens anders en wil vertellen wat daarachter zit?
- Wie kijkt hier nog anders naar?
- Welke ervaring of afweging hebben we nog niet gehoord?
- Wie wil iets toevoegen dat nog niet in de ruimte staat?
- Wie merkt dat diens positie verandert?
- Welk standpunt krijgt weinig steun, maar moeten we wel onderzoeken?
Laat deelnemers na ieder nieuw standpunt opnieuw bewegen. Leg de belangrijkste invalshoeken eventueel kort vast op een flip-over.
Voorkom een discussie tussen twee deelnemers. Richt het gesprek steeds terug op de hele groep en verzamel zoveel mogelijk verschillende invalshoeken.
Stap 5 | Onderzoek wat nog ontbreekt (5 minuten)
Vraag, voordat je als begeleider afrondt:- Is er nog iets dat gezegd moet worden?
- Welk standpunt is nog niet gehoord?
- Welke stem bleef tot nu toe stil?
- Welke spelers uit ons speelveld zijn hier niet aanwezig?
- Wat zouden we bij hen moeten navragen in plaats van voor hen in te vullen?
Laat deelnemers niet zonder meer spreken namens afwezige spelers. Gebruik vermoedens over hun perspectief als aanleiding om deze spelers later op te zoeken en te bevragen.
Stap 6 | Oogst het gesprek (10 minuten)
Laat deelnemers terugkijken op wat zichtbaar en hoorbaar is geworden.Bespreek bijvoorbeeld:
- Welke verschillende standpunten kwamen naar voren?
- Welk standpunt verraste jou?
- Welke minderheidsstem bevat informatie die we niet mogen verliezen?
- Wat begrijpen we nu beter over ons speelveld of onze samenwerking?
- Welke vraag is nog niet beantwoord?
- Met welke speler moeten we verder in gesprek?
- Wat vraagt dit van onze volgende stap?
Maak duidelijk wat er met de opbrengsten gebeurt. Als hierna een besluit genomen moet worden, maak dan afspraken over een passende vervolgstap. Een Gesprek op voeten is in deze vorm vooral bedoeld om standpunten te verzamelen en te verdiepen, niet om op basis hiervan een besluit te nemen.
Variatie
Een vervolgvraag stellen
Gebruik na de eerste ronde een tweede vraag die voortbouwt op wat naar voren kwam. Kies geen compleet nieuw onderwerp, maar verdiep een spanning, verschil of ontbrekend perspectief.Standpunten zichtbaar vastleggen
Noteer de verschillende standpunten tijdens het gesprek op een flip-over. Orden of beoordeel ze nog niet. Controleer aan het einde of deelnemers hun standpunt goed herkennen in de formulering.Werken met een grote groep
Laat bij een grote groep niet iedereen spreken. Haal gericht stemmen op uit verschillende delen van de ruimte. Vraag steeds of een nieuw standpunt iets toevoegt dat nog niet is gezegd.Een toegankelijk alternatief gebruiken
Kunnen of willen deelnemers niet door de ruimte bewegen? Laat hen dan met gekleurde kaarten, stoelen of tafelposities aangeven bij welk standpunt zij zich aansluiten. Zorg dat veranderen van positie gedurende het gesprek mogelijk blijft.
Meer over weten
Deze uitwerking is gebaseerd op ‘Gesprek op voeten’, een actieve dialoogvorm uit Deep Democracy. Meer over de oorspronkelijke gesprekstechniek en het gedachtegoed van Deep Democracy lees je op de website van Deep Democracy.